Dagwandeling Krekengebied rondom Ouwerkerk

Dagwandeling Krekengebied rondom Ouwerkerk

Je zou toch denken dat half maart de winter op retraite gaat, maar niets is minder waar, zo merken wij bij onze wandeling door het krekengebied bij Ouwerkerk. Een snijdende wind uit het oosten doet zijn best ons moreel te breken. De gevoelstemperatuur ligt ver onder het vriespunt. Overal liggen nog restjes sneeuw die gisteren is gevallen. Niettemin neemt ons wandelgezelschap vandaag goedgemutst de handschoen op voor deze winterse druppel-aan-de-neus wandeling.

Vanaf het Watersnoodmuseum vertrekken we over de buitendijk naar het westen. Daarmee hebben we de wind in de rug, waardoor de kou minder lijkt en we alvast een beetje kunnen wennen aan de arctische omstandigheden.

Op de buitendijk zien we naar het zuidoosten Tholen met Stavenisse waar we twee maanden geleden een dagwandeling hadden en toen tegen elkaar zeiden: ”Kijk, daar ligt Schouwen Duiveland, waar we over twee maanden lopen”. Ook nu zien we weer in het westen de vijf kilometer lange Zeelandbrug.

Na de buitendijk duiken we bos in waar het zowaar windstil is. Dat scheelt veel in temperatuur. Sommige paden staan volledig onder water, met een dun laagje ijs, wat ons dwingt behoedzaam over de licht bevroren modder langs de randen te manoeuvreren.

Degene die de route van vandaag heeft gepland is onverbiddelijk, want na het bos volgt een lang stuk door open terrein. Tegen wind in moeten we de ijzige koude trotseren. Toch is dat niet heel erg, omdat we onderweg enkele fraaie natuurlijke ijscreaties tegenkomen. Zo zien we rietstengels waar opgewaaid water tegenaan is bevroren. Rietstengels met een kraagje ijs nadat het water gezakt is. Een drinkbak waarin door wind gegolfd ijs ligt, behalve op de plek waar de wind geluwd werd door een weidepaaltje.

Een bijzonder fraai pad langs één van de kreken met aan de overkant het Watersnoodmuseum, brengt ons in Ouwerkerk. We willen wat gaan drinken in Knipcafé de Bar-Bier; prachtige naam overigens. Geopend op zondag vanaf 12.00 uur lezen we bij de ingang. Het is tien over twaalf, maar de deur is nog op slot. Lieneke belt naar het telefoonnummer dat buiten op het raam is aangeplakt en binnen no time zitten we binnen, achter een dampende kop chocolademelk met een Zeeuwse bolus. Sommige onder ons menen dat de bolus niet plakkerig genoeg is, maar hij is warm en dat is ook heel wat waard.

Langs de kreken aan de oostkant van Ouwerkerk wandelen we terug naar het Watersnoodmuseum, waar we door de NKBV uitgenodigd zijn deel te nemen aan de algemene ledenvergadering. Koffie en (alweer) bolussen – dit keer volgens dezelfde kenners onder ons, van goede kwaliteit.

Het verslag van de vergadering kunt u vast wel ergens op de website terugvinden. Wij brengen na de vergadering nog een bezoekje aan het museum.

Wat direct mijn aandacht trekt zijn de boeken per getroffen gemeente, vol met foto’s van de ramp in ’53. Zelf geboren en getogen op de Kwartiersedijk in Heijningen ga ik op zoek naar herkenningspunten. Wat ik vind zijn foto’s van de dijk, waar ik zo vaak overheen ben gefietst, verdwenen in het water. Er is natuurlijk veel meer te zien in het museum. De vier caissons liggen vol met herinneringen, versterkt met woord en beeld. Heel bijzonder is het multimediaal monument 1835+1, dat de herinnering van de 1835 slachtoffers levend houdt. Hier kun je luisteren naar het verhaal van die mensen, beschreven door familie en vrienden.

Kort samengevat was de wandeling koud en leerzaam. Ben je op zoek naar een leuke dagbesteding dan is een wandeling in het krekengebied, gecombineerd met een bezoek aan het museum een prima optie. Toch zullen de meesten de wandeling misschien liever niet in de winter willen maken…

Tot de volgende wandeling

Frank van der Zande