Excursie Biesbosch

Excursie Biesbosch

Voor de meesten zal de Biesbosch, het zeer waterrijke natuur- en recreatiegebied in Noord-Brabant en Zuid-Holland, geen onbekend terrein zijn. En omdat er zoveel water is kun je dit gebied het best per kano verkennen. Daarom gaan we met de excursie van dit jaar niet wandelend maar al kanoënd het natuurgebied verkennen. Dat er veel belangstelling voor is blijkt al snel. Een paar weken na het verschijnen van de kalender in de Hoogtelijn zijn alle plekken bezet.

We verzamelen aan de Vissershang in Hank waar we Paul, onze gids voor vandaag, ontmoeten. Gebogen over de kaart wordt de tocht besproken, waarna we de Canadese kano’s te water laten. Een eend met kroost komt nieuwsgierig een kijkje nemen.

De hele week waren de weersvoorspellingen niet al te best. Hoe fijn is het dan om getrakteerd te worden op een lucht die stralend blauw is, met hier en daar een schapenwolkje waar totaal geen dreiging van uit gaat?

We steken de Spijkerboor dwars over. Naar het zuiden siert de Amercentrale met haar dikke witte rookpluimen het uitzicht.

Aan de overkant duiken we een nauwelijks waarneembaar kreekje in, zo smal als de kano. Dit vereist al direct de nodige stuur- en peddelkunsten, wat bij de meesten van ons gezelschap even wennen is. Regelmatig gaat de kano de andere kant op dan je in gedachten had en belandt de neus in het riet of kom je klem te zitten onder de laaghangede takken van de oeverbegroeiing.

Na dit uiterst smalle kreekje slaan we rechtsaf de Sloot van Sint Jan in. Hier varen we onder het Brugje van Sint Jan door, de enige brug in de Biesbosch. De brug is symbool van het verzet in de Tweede Wereldoorlog geworden. Paul vertelt hoe bij deze brug onderduikerscommando’s 75 vijandelijke soldaten ontwapenden.

We volgen de meanderende kreek van het Gat van de Plomp. Iedereen roept dat ze graag een ijsvogeltje en als het even kan, een bever zouden willen zien. Als ze er al zijn weten ze zich goed verborgen te houden. Futen en meerkoetjes zijn er volop, druk bezig met voedsel vergaren en eieren uit te broeden.

We komen uit op de Keesjes Jan Killeke en gaan daar aan wal. Op het dijkje kijken we uit over de grote Polder Turfzakken, onder de indruk van de weidsheid.

Bij de Amaliahoeve slaan we linksaf het Middelveld in waar we de kreek volgen tot aan de Gijster, een van de drie spaarbekkens in het park die samen het kloppende hart van de drink- en industriewatervoorziening voor miljoenen inwoners en bedrijven in Zuidwest-Nederland en Noord-Brabant vormen. Het is heerlijk stil hier, ver van de hectische en drukke Nederlandse wegen en stedelijke gebieden. Alleen het ruisen van het riet in de wind en het gezang van de vele vogeltjes.

We peddelen dezelfde weg terug en gaan dan aan land bij de Amaliahoeve. We mogen op de koffie bij Hennie, een dame die als een kluizenaar in de Biesbosch woont. Eerst maken we nog een korte wandeling rond de Polder Kwestieus (ze hebben toch wel heel bijzondere namen gegeven aan de kreken en polders hier), vol met Schotse hooglanders. Halverwege stuiten we op een bordje van Staatsbosbeheer “Vogelbroed- en rustgebied. Geen toegang.” Daaronder hangt een printje met de tekst: “I.v.m. mogelijke vestiging van Visarend is dit gedeelte van het wandelpad tijdelijk afgesloten. Bedankt voor uw begrip.” Uiteraard hebben wij hiervoor begrip, maar lopen toch door, omdat onze gids, die ook voor Staatsbosbeheer gidst, gezegd heeft dat we hier zonder problemen een rondje mogen lopen.

Als we bijna terug zijn bij de Amaliahoeve zien we twee reetjes. De ene huppelt springlevend voor ons het riet in. De ander, zo dood als een pier, ligt als een vod voor de staldeuren van een woning naast Amaliahoeve.

Bij Hennie’s huisje staan we vol bewondering te kijken naar de tientallen zwaluwnesten onder de overstek van de voor- en achtergevel. Zwaluwen vliegen af en aan om hun jongen te voeden. Volgens Hennie is de laatste jaren door de achteruitgang van het aantal insecten de populatie zwaluwen ook afgenomen. Je hoort er tegenwoordig steeds meer over; massa-extinctie door toedoen van de mens…

We hebben tot nu toe geen enkele bever gezien, maar in de tuin bij Hennie kunnen we er één van heel dichtbij bekijken. Althans, wat er van over is. Op een plankje zijn de poten gespijkerd – let op de gespleten nagels van de achterpoten die de bever gebruikt om zijn haar te ‘kammen’. Naast een bankje ligt de staart en voor de ingang van de hoeve hangt de huid te drogen.

Hennie ontvangt veel groepen, waaronder scholieren, die ze dan verhalen vertelt over de Biesbosch en een rol laat spelen van postbode of griendwerker zoals dat ‘in die tijd’ ging.

Hennie steekt haar eigen levensfilosofie niet onder stoelen of banken. Zo krijgen wij de wijze les dat mensen te veel naar de toekomst toe leven en een te grote hang hebben naar het verleden, maar, zo zegt zij, wat telt is het nu. Het moment waarin je leeft, het NU, benadrukt ze luid en duidelijk, daar gaat het om. Macht en geld, het wordt de ondergang van de mens. Zij heeft geen vertrouwen in de mensheid en begint een lang verhaal over Einstein die bij God komt en vraagt hoe Hij de wereld zo geschapen heeft. God schrijft de formule daarvoor uit, maar Einstein ontdekt enkele fouten in de formule. Klopt zegt God, dat is de mens…

Op de vraag of het hier niet eenzaam kan zijn antwoord ze stellig: “Eenzaamheid bestaat niet. Dat gevoel creëer je zelf!”

Je zou hier bijna de tijd vergeten. Paul verzoekt ons vriendelijk om onze tocht voort te zetten. Uiteraard moeten we al onze rotzooi meenemen, want de vuilnisophaaldienst komt hier niet.

Wie hier wel komt is de postbode van PostNL die met zijn boot de post bezorgd aan de vijf afgelegen boerderijen in de Biesbosch. Blijkbaar is dit de enige postboot in Nederland. Niet rendabel, maar ook mensen die zo afgelegen wonen hebben recht op postbezorging.

Niet zo heel ver van de Amaliahoeve is een uitkijktoren waar je uitzicht hebt over het Gat van de Zuiderklip. Het aanmeren is geen sinecure. Het drijvende steigertje zakt al gauw enkele centimeters onder water als je er met een paar op gaat staan. Een natte voet heb je zo te pakken. Een van ons maakt een misstap en gaat tot bijna zijn middel in het water.

In de verte naar het westen zien we de hoogspanningsmast waar een koppel visarenden in 2017 een nest had. Als ik mijn camera helemaal inzoom is het nest nog redelijk goed zichtbaar.

Het is nog een lange weg terug kanoën. We komen steeds meer gemotoriseerde waterrecreanten tegen. Het valt wel op dat in veel bootjes ofwel een groep mannen ofwel een groep vrouwen zit. Sommigen zijn verkleed. Vrijgezellenfeestje zeker? Treetjes bier hebben ze ook bij. Het wordt vast een dolle boel. Zeker als we nog twee speedboten in volle snelheid tegenkomen. Tot zo ver de rust. Ik kan me voorstellen dat bevers zich liever niet laten zien. Is het nu een natuurpark of recreatieoord?

Ach, ieder zijn ding. Vandaag hebben wij in ieder geval een bijzonder mooie dag gehad en hebben we ook nog enkele wijze lessen geleerd.