Winterbivak 2019

Winterbivak 2019

Het is al weer de vierde editie van de befaamde winterbivak; banjeren door de sneeuw met volle bepakking, kamperen op onherbergzame plaatsen, eten in de buitenlucht en terwijl wolkjes uitgeademde lucht oplichten in het schijnsel van de voorhoofdlampjes vooral veel plezier beleven.

Vrijdag 25 januari

We gaan als vriendenclub en noemen onszelf de Nederlandse Katholieke Bond van Vrienden, hoewel dat tweede woord nogal discutabel is.

Bij de Aldi in het toeristische stadje Neuerburg verzamelen we. Het heeft zojuist nog gesneeuwd en er ligt een aardig laagje wit, wat in ieder geval een goed gevoel geeft als je op winterbivak gaat. We vertrekken naar het noorden door de oude spoortunnel waar nu een fietspad loopt. Water sijpelt door het dak en vormt aan het dak en op de grond stalactieten en stalagmieten van ijs.

In het donker lopen we verder tot we bij een vlak veldje komen langs de Grimbach. Hier verrijst onze eerste bivak.

 

Zaterdag 26 januari

Rond half tien hebben we gegeten, is het kamp weer opgebroken en lopen we terug richting Neuerburg.

Waar we het stadje weer binnenkomen staat een enorm betonnen monument op een hoge rots, waar “Unsern Helden”, de “Ziviltote” van WO I en WO II, worden herdacht.

Daar vlakbij stroomt de Enz die naast een groot zalmkleurig vervallen huis een metertje of vier naar beneden stort. Dit is ook de ingang van het stadpark waar enkele borden aangegeven dat zo’n beetje alles verboden is om hier te doen, behalve wandelen, maar… nu het winter is “Betreten” wij dit gebied “auf eigene Gefahr”.

We laten Neuerburg achter ons en duiken na een stevige klim de bossen in.

De sneeuw staat vol met sporen van allerlei dieren die het pad kruisen; hazen, reeën, zwijnen, verschillende soorten vogels. Dan zien we een enkele pootafdrukken die een hele tijd het pad blijven volgen. Het eerste wat we denken is dat het van een hond moet zijn, maar… er zijn geen afdrukken van mensenpoten. Is het dan een loslopende hond? Of een vos? Of zou het van een… wolf kunnen zijn? Dat klinkt fantastisch, maar eigenlijk geloven we dat zelf niet, totdat we enkele kilometers verder in de sneeuw de restanten van een ree vinden. De twee voorpoten plus het karkas van de ribbenkast is alles wat er van rest. Aan de afgekloven botten, waar nog flarden vlees en pezen aan zit, is te zien dat het beest nog niet zo lang geleden opgepeuzeld is, hooguit een dag geleden. En dus vragen wij ons af: welke predator jaagt op reeën? Ook hier zien we in de sneeuw weer dezelfde sporen. Zou het dan toch? Thuis maar eens aan het Googelen geslagen. Op de website wolven in Nederland lees ik: “De pootafdruk is niet te onderscheiden van die van de hond. Gemiddeld is hij smaller dan bij de hond, er is bijna een lijn te trekken tussen de middelste en buitenste tenen. Een heel lang spoor, in sneeuw of zand, zonder menselijke voetstappen in de buurt en zonder frequente afdwalingen zou kunnen wijzen op een wolf.” We houden het op een wolf, al is het maar om thuis een sterk verhaal op te kunnen hangen en bij toekomstige bivakken tegen elkaar te kunnen zeggen: “Weet je nog…”

Angstvallig om ons heen kijkend lopen we verder. Je weet maar nooit…

Ondanks een goede kaart en GPS, krijgen we het voor elkaar om finaal verkeerd te lopen. Na een omweg van vier kilometer en de nodige stukken struinwerk, komen we weer op het juiste pad. Aan het eind daarvan staat een ruime Schützhütte. De tenten worden opgezet in het naastgelegen weiland, waarna we in de Schützhütte genieten van een uitgebreid en voedzaam avondmaal. Jammer genoeg is de hut aan bijna alle kanten open, waardoor het binnen even koud is als buiten. De gezelligheid warmt ons voldoende op en we beleven een fijne avond. Om tien uur begint het te regenen, wat zo’n beetje de hele nacht doorgaat. Vannacht blijft het boven nul, wat de slaap wel ten goede komt.

Zondag 27 januari

De hele nacht heeft het geregend en als we wakker worden valt er af en toe nog een bui. De sneeuw is niet voor de zon verdwenen, maar wel voor de regen. Gelukkig kunnen we in de Schützhütte droog ontbijten en onze rugzakken in pakken. De tenten gaan nat mee.

De tocht voor vandaag gaat voornamelijk over brede bospaden. Eén keer wijken we daar van af en lopen door het open veld. Je merkt dat dat behoorlijk scheelt in de temperatuurbeleving. Dan liever door het bos.

Gisteren hebben we er nauwelijks iets van gemerkt, maar vandaag horen we overal om ons heen de donderbussen knallen. Menig wild legt vandaag het loodje.

Bij Niederraden – waar het mooiste Mariakapelletje staat dat ik ooit heb gezien (een Mariabeeld in een holle boom) en waar mijn medetochtgenoten mijn liefde voor wegkruizen en kapelletjes in het belachelijke trekt en zelfs terroriseert door het verhinderen er mooie foto’s van te maken – lopen we het bos in waar een waarschuwingsbord staat met de tekst ‘Treibjagd’. Even twijfelen we of we verder zullen lopen. Doordat het bospad niet ver van de weg loopt, denken we weinig last te hebben van jagers. Niet veel later komen we de jagers tegen in hun grote SUV’s – waarschijnlijk vol met afgeschoten wild – en horen we dat ze net klaar zijn met jagen. Ruim baan voor wandelaars.

Tot schrik van mijn medetochtgenoten stuiten we bij Neuerburg op een kruisweg met kapel. Ik bespaar ze de ergernis om van elke statie een foto te maken. De ter dood veroordeling van Jezus volstaat.

Het eerste beste café dat we induiken voor kaffee und kuchen staat blauw van de rook. In Duitsland geldt waarschijnlijk nog geen algeheel rookverbod in de horeca. Nog sneller dan we naar binnen zijn gegaan staan we weer buiten. We proberen ons geluk in een hotel een stukje verderop. Hier geen rook en helaas geen kuchen, maar wel warme choco mit schlagsahne.

En dan zit de vierde editie van de winterbivak er al weer op. Net als voorgaande jaren was het weer beregezellig en krijgt deze wintertocht van ons het predicaat “episch avontuur”.

 Tot binnenkort bij een van de volgende wandelingen.

Frank